Utrecht - De Water Kip

Eerder in het seizoen kwamen we, na een enerverende pot, tegen DWK als verliezers uit het  Barneveld chloorbad.

Barneveld werd sindsdien een plaats waar ik opeens minder positieve gevoelens voor koester. En dat terwijl ik er tijdens mijn vrijgezellendag twee jaar geleden nog zo fijn in het kippenmuseum heb rondgelopen in een kippenpak. Een echte aanrader trouwens dat museum. Je kunt er alles leren over hoeveel kippen je in een kooitje ter grote van een A4tje kunt proppen en je leert de verschillen zien tussen het Barnevelds Hoender en de Sabelpootkriel. 8 mei is trouwens ons teamuitje.

 

Er was dus wat recht te zetten. En dat is gelukt, een verdiende winst van 8 tegen 6. Van vorige week  is geen wedstrijdverslag gemaakt en dat zal ook niet meer gaan gebeuren. Sommige dingen moet je snel weer vergeten en nooit meer op willen kunnen roepen. De wedstrijd van vorige week had echter een opmerkelijke en verontrustende overeenkomst met de pot van afgelopen zaterdag tegen DWK: we waren beiden keer beter maar lieten onze tegenstander veel te dicht bij ons blijven. Andere overeenkomst: beiden wedstrijden wonnen we uiteindelijk wel en dat is goed voor onze plek in de tussenstand van de competitie. Stonden we vlak voor de winterstop nog achtste, nu zouden we een bronzen plak omgehangen krijgen. Ervan uitgaand dat iemand de moeite wil nemen voor ons een bronzen plak aan een touwtje te hangen. Maar het seizoen is nog lang niet voorbij en je staat zomaar weer achtste.

Komend weekend mogen we met dichtgeknepen billetjes naar Haarlem afreizen. Niet alleen Carl en Jacco maar ook de getalenteerde gebroeders Beestenboel zullen niet op appèl verschijnen. De jeugd van tegenwoordig vindt het uitlegbaar om midden in het seizoen de plaat te poetsen, de boel de boel te laten en de bloemetjes buiten te zetten. Dan heb je tegen een tegenstander als Haarlem natuurlijk het schaap aan het schijten. Voor wie deze uitdrukking niet meer kent: het wordt lastig daar. Over de wedstrijden die dit seizoen al tegen de ploeg uit de hoofdplaats van Noord-Holland zijn gespeeld kun je een boek vol schrijven. Dat boek kent geen happy end tot dusver. Maar ook hier geldt; het seizoen is nog niet voorbij. Zaterdag -met een jeugdspeler erbij die nog nooit 4 keer zes minuten heeft gespeeld maar eens moet de eerste keer zijn- is daarmee nu al iets om naar uit te kijken. Maar deze stukjes zijn in het leven geroepen om terug te kijken. Er werd tegen DWK in de eerste partjes prima gefloten door de scheidsrechters. Maar een scheidsrechter, dat merk je vaker, is ook maar een mens. En mensen komen naar een wedstrijd voor een beetje spanning. En als scheidsrechter kan je daar een rol in spelen. Zaterdag was zo’n avond waarop de scheidsrechters opeens hele rare dingen gingen zien. Dat leverde Roy en mij in ieder geval drie p-tjes op. Leuk was dat ik daarmee Jeroen eindelijk weer de kans gaf om een vijfmeter te stoppen (voor de herinnering: Jeroen stopt dit seizoen ongeveer 82% van de vijfmeters, Ronald zal de actuele cijfers moeten hebben…) Jammer was dat Jeroen deze keer de bal niet had. De spanning was in ieder geval helemaal terug. Het werd na 5-1 voor te hebben gestaan op een gegeven moment zelfs 6-6. De scheidsrechters hadden dus een erg leuke avond.

Er werd weer veel gescoord door Jeroen (4x), Ronald haakte aan(2) en twee doelpunten werden gemaakt door Beer en Wolf vanuit manmeer situaties.